Er zijn van die periodes in je leven waarin alles tegelijk verandert.
Toen ik net bij mijn ex was vertrokken, ging ik met Ross en Jet tijdelijk in het huis van mijn stiefvader wonen. Of bonuspapa, zoals dat tegenwoordig geloof ik heet. In ieder geval: een ontzettend lieve man met een hart van goud.
En met peperdure ganzendons kussens.
Dat detail is belangrijk voor het verhaal.
We waren allemaal een beetje van slag. Ik, Ross en Jet. Alleen uitte dat zich bij de honden net iets creatiever dan bij mij.
Op een dag kwam ik thuis en trof ik de woonkamer aan alsof er een sneeuwstorm had plaatsgevonden. Kussens opengetrokken, dons overal, honden verdacht stil.
Maar wie was de dader?
Jet keek me aan met haar grote, onschuldige ogen. Echt zo’n blik van: “Ik? Nee hoor, ik ben hier alleen toevallig aanwezig.”
Ross keek vooral alsof hij nog nadacht over zijn volgende project.
Omdat ik geen Sherlock Holmes ben, maar wel een vrouw met een stofzuiger en een lichte neiging tot profileren, besloot ik een lijstje met verdachten te maken.
Jet: schattig, klein, engelachtig… maar ook een tikkeltje psycho.
Ross: groot, sterk, ondeugend en druk in zijn hoofd.
De hoofdverdachte was snel gevonden.
Na de laatste kussenexplosie (zie foto) besloot ik actie te ondernemen. Ik verhuisde de honden van de woonkamer naar de bijkeuken om te kijken hoe dat ging.
De onderstaande foto spreekt boekdelen 🥴.
Dus besloot ik Ross een bench cadeau te doen. Veilig, praktisch en volgens de folder “een fijne rustplek voor de hond.”
Ik moest tenslotte uitzoeken wie hier nu werkelijk de dader was.
Afijn.
Ik kwam terug van mijn werk. Ross verbleef in de bench en Jet zat aan zijn zijde in de bijkeuken.
Daar zat Ross.
In zijn bench.
Midden in een wolk van donsveren.
Hij had blijkbaar besloten dat zijn nieuwe bench nog wat sfeervoller kon worden aangekleed en had zijn vers gekregen donsdekbedje volledig ontleed. De veren dwarrelden nog vrolijk om hem heen alsof hij in een kerstcommercial speelde.
En Jet?
Jet zat ernaast.
Met diezelfde grote ogen.
Die blik zei zonder woorden:
“Zie je wel? Ik zei toch dat ik het niet was.”
Ik stond daar, tussen de veren, met een mengeling van wanhoop en lachstuipen.
Want eerlijk is eerlijk: soms kun je alleen nog maar lachen.
En achteraf gezien was dat misschien precies wat ik in die periode nodig had.
Geen perfect huis.
Geen controle.
Maar twee honden die me eraan herinnerden dat chaos soms óók leven is.
Al had bonuspapa dat waarschijnlijk liever zonder zijn ganzendons gezien. 😉🐾
Fijne zondag!
Reactie plaatsen
Reacties